Het leek wel of er geen einde kwam aan het applaus. De zestienjarige pianiste boog een aantal keren in de richting van het enthousiaste publiek. Vervolgens maakte ze een hoffelijk handgebaar naar het orkest achter haar om de loftuitingen met hen te delen. Ze stond daar heel natuurlijk en al die bewegingen kwamen behoorlijk professioneel over. Alleen haar ietwat verlegen oogopslag verried dat ze nog niet door de wol was geverfd.
Hier stond een zeer jonge vrouw met een wonderbaarlijk talent: op haar vijfde speelde ze al piano en op haar zesde gaf ze haar eerste concert. Terwijl ik applaudisseerde mijmerde ik dat als je zó begaafd bent, dat je dan eigenlijk niet anders kunt dan je hart volgen en je talent tot uitdrukking brengen. Het lijkt een vanzelfsprekendheid. Als toeschouwer krijg je algauw de neiging  jezelf dan maar heel ‘gewoontjes’ te vinden.  Toch staat voor mij als een paal boven water dat we allemaal talenten hebben gekregen, bagage om hier op de aarde neer te zetten wat we ooit op zielsniveau hebben besloten. Helaas laten we ons in dit leven daar maar al te snel door de minste tegenslag vanaf brengen. Dan voelen we ons niet meer goed genoeg. Maar hoe groter onze bewustwording, hoe meer we onze eigen beperkende patronen gaan doorzien, een belangrijk kenmerk van de nieuwe tijd. Het is niet aan ons om onze talenten af te doen als ‘niet goed genoeg’. Beter kunnen we nú besluiten om te stoppen met vergelijken, concurreren of met wat voor vormen van onzekerheid dan ook, wat dat zijn het. We hebben beslist een keuze: laten we ons leven bepalen door anderen, door onze eigen onzekerheden of door ons hart?  Je hoeft echt geen muzikaal wonderkind te zijn om voor het laatste te kiezen!