Een aantal dagen geleden werd ik door een goede vriend nietsvermoedend geconfronteerd met een redelijk directe vraag; ‘Zeg Margreet, jij hebt eigenlijk een hele grote passie voor de dood hè’? Deze vraag was er een die ik niet direct kon beantwoorden. ‘Is dat eigenlijk wel zo, heb ik een passie voor de dood? En waar bestaat die dan uit? Zou het niet heel erg raar en morbide klinken, als dat waar zou zijn?’

Nu moet ik bekennen dat er wel een kern van waarheid in zit. Van jongs af aan ben ik gefascineerd door dit onderwerp. Als puberend meisje schreef ik al werkstukken over “kinderen en de dood” en “jeugdigen en zelfmoord”. Ook werk ik sinds zes jaar als coördinator in een hospice, een huis waar terminale mensen in de laatste drie maanden van hun leven verblijven… tot ze overlijden. Het feit dat ik daarnaast een praktijk voor rouw-en stervensbegeleiding heb, werkt ook niet erg mee om het antwoord te weerleggen.

En als apotheose komt er deze maand een boek uit van mijn hand met de titel Rouw van jou. Hierin vertellen bekende en minder bekende Nederlanders over hun verlieservaringen. 
Heel even voel ik mijn hart een slag overslaan. ‘Heeft mijn vriend gelijk? Ben ik dan echt zo met de dood bezig?’ Ineens weet ik het antwoord en ik mail het meteen aan hem; 
“Lieve Ro, ik heb geen passie voor de dood…ik heb een passie voor het LEVEN!!"